sluit X

Stuur door naar:

* Naam van de geadresseerde
*, (xx@domain.nl) E-mail adres van de geadresseerde.
Stuur eventueel een opmerking of toelichting mee.

De betovering van ranglijsten

Den Haag, 6 januari 2010 - Geen wedstrijd zonder uitslag en zonder ranglijst geen competitie. Wie bovenaan staat, is de winnaar. Uitslagen liegen niet en de kampioen is de kampioen. Daarover valt niet te twisten. De stijl van nummer 4 mag u beter bevallen, nummer 1 is toch echt de beste, want die heeft de meeste punten.

Deze sportieve eenvoud heeft een grote aantrekkingskracht. We maken graag lijstjes, niet alleen van sportprestaties, maar over van alles en nog wat. De beste jonge allochtone Kamerleden, het kortste huwelijk, de koudste nacht sinds mensenheugenis , de logés die in het Witte Huis spoken zagen. Amerikanen zijn de grote liefhebbers. Van ranglijsten en statistieken. Elke sportwedstrijd wordt vanuit alle mogelijke gezichtspunten gemeten en vergeleken. Maar daarbij blijft het niet. Het kan zo gek niet zijn of er is een lijst van te maken. En wij Europeanen zijn besmet geraakt en doen enthousiast mee.

Geen wonder dat ook onderwijs en onderzoekprestaties worden gemeten en vergeleken in allerhande ranglijsten. Meestal met hele goedwillende bedoelingen: om te laten zien waar de onderwijsdeelnemers en de opdrachtgevers van onderzoek het beste terecht kunnen; en om de sponsors te laten zien dat hun geld goed besteed is. Ook hier was Noord-Amerika het eerst actief. U.S. News and World Report begon al in 1983 met ranglijsten van Amerikaanse colleges. Het is inmiddels de kurk geworden waarop het blad drijft. Want ondanks alle kritiek gaan de ranglijsten erin als zoete koek of warme broodjes. Zodra de nieuwe versie verschijnt, stijgt het aantal bezoekers van de site naar astronomische hoogte.

Het ongemakkelijk gevoel dat zulke ranglijsten oproepen, heeft te maken met het profiel van de kampioenen. De winnaar is rijk en exclusief, en heeft een uitstekende reputatie. Daarop is de puntentelling van deze wedstrijd ingericht. En dat is heel iets anders dan een ranglijst met als kampioen een school waar de leerlingen tussen het begin van hun studie en het eindexamen de grootste vooruitgang boeken.

Ook metingen van onderzoekprestaties gaan meestal uit van één bepaald kampioensprofiel: de onderzoek(st)er, de groep, of de universiteit die de meeste artikelen publiceert die het vaakst worden geciteerd in de belangrijkste tijdschriften. Dat lijkt een eerlijke norm. Totdat je je realiseert dat die maatstaf ontstaan is op vakgebieden waarop vrijwel iedereen ter wereld in dezelfde taal en op dezelfde manier publiceert. Dan is er een egaal speelveld. Bij vakgebieden met grote taalverschillen en een gevarieerde publikatietraditie (artikelen en monografieën, edities en commentaren, dataverzamelingen, modellen en ontwerpen) is daarvan geen sprake. Dan is er geen egaal speelveld, en dus geen faire wedstrijd.

Deze opmerkingen zijn niet nieuw. Ze worden al decennia gemaakt. Toch verandert de wereld van de ranglijsten maar langzaam. Dat is begrijpelijk. Kampioenen met grote, gevestigde reputaties zijn aantrekkelijk. Daar wil je graag bij horen. Dat wil je ook wel zijn. Bij nieuwe puntentellingen, met andere kampioenen is nog geen sprake van gevestigde, grote reputaties. Daar is ook voor winnaars veel minder te winnen.

Desondanks is het voor de kwaliteit van onderwijs en onderzoek van het grootste belang dat er meer, en verschillende puntentellingen komen. Al was het maar om onverantwoorde eenvormigheid te voorkomen, en vooral om te voorkomen dat de ziel van het onderwijs wordt aangetast. Neem bijvoorbeeld een ranglijst van scholen waar het aantal succesvolle leerlingen de rangorde bepaalt. Zo’n lijst werkt ontmoedigend op scholen die relatief zwakke leerlingen hebben en versterkt de verleiding zich ook te gaan richten op de beste leerlingen en de zwakken liever buiten de deur te houden.

Ranglijsten hebben een grote aantrekkingskracht. Dat zal niet gauw veranderen. Maak er dus maar zo veel mogelijk, en maak duidelijk wat je meet en wat niet. De geschiedenis van rankings tot nu toe laat zien dat veranderingen traag verlopen, maar wel gestaag. Als je maar volhoudt, zal ook een nieuwe competitie na verloop van tijd haar kampioenen populair zien worden.
En voor wie zich afvraagt welke gasten spoken zagen in het Witte Huis, een van hen was de Nederlandse koningin Wilhelmina. Althans volgens The Book of Lists.

Sijbolt Noorda
Voorzitter van de Vereniging van Universiteiten
(VSNU)