sluit X

Stuur door naar:

* Naam van de geadresseerde
*, (xx@domain.nl) E-mail adres van de geadresseerde.
Stuur eventueel een opmerking of toelichting mee.

Solide onderzoeksbekostiging voor lange termijn

De bekostiging van het onderzoek aan de universiteiten bestaat uit de basisfinanciering, middelen die op basis van competitie (kwaliteit) worden verdeeld en middelen uit opdrachtonderzoek voor bedrijven. Dit zijn respectievelijk de 1e, 2e en 3e geldstroom. De VSNU maakt zich hard voor een solide bekostiging van het onderzoek. Het langetermijn-perspectief is daarbij van groot belang: onderzoeksprogramma’s en ook huisvesting vergen beslissingen die voor 10 jaar en meer zullen gelden.

Ook de wijze van financiering is van belang. Bij de 2e en 3e geldstroomprojecten wordt van de universiteit verlangd dat zij vaak een even groot deel zelf inbrengt, de zogenaamde matching of cofinanciering. Dat doet de universiteit vanuit de - vanzelfsprekende beperkte- basisfinanciering. Een goede verhouding tussen de 1e geldstroom en de 2e en 3e is daarom van belang. Zeker omdat uit de basisfinanciering ook faciliteiten, nieuwe onderzoekslijnen en incentives voor goede onderzoekers worden betaald.

Een solide bekostiging betekent dus ook dat de basisfinanciering voldoende is om zowel de 2e en 3e geldstroomprogramma’s te matchen, als het onderzoek te vernieuwen en laboratoria e.d. instand te houden. De VSNU vraagt hier met nadruk aandacht voor, omdat een groot aantal universiteiten daar eigenlijk al geen ruimte meer voor heeft.

Binnen de VSNU voeren de financiële medewerkers ook regelmatig overleg over de inrichting van de financiële administratie. In 2006 hebben de universiteiten besloten dat zij allemaal op basis van integrale kosten zullen gaan werken. Daarbij is hard gewerkt om informatie en ervaringen over integrale kosten uit te wisselen. Dit zal het inzicht in de kosten van onderwijs en onderzoek vergroten. De VSNU faciliteert vanzelfsprekend deze ontwikkeling.


links: