Print
 
 

Rendementen WO


Het aantal wo-studenten dat een bachelordiploma haalt bij een universiteit, is de afgelopen jaren sterk gestegen, zo bleek aan het begin van het jaar bij de cijfers over het aantal behaalde diploma’s. Nadere analyse laat zien dat er niet alleen meer diploma’s zijn uitgereikt, maar ook dat studenten sneller zijn gaan studeren: het  rendement is toegenomen.

 

Sectorrendement

Het landelijke rendement wordt bepaald op basis van de het aantal studenten dat zich na 1 jaar weer opnieuw inschrijft voor een wo-opleiding en vervolgens een bachelor-diploma haalt. Reden om te kijken naar de studenten die zich na één  jaar opnieuw inschrijven, is dat het eerste studiejaar gebruikt wordt om te bepalen of er een goede aansluiting is tussen student en opleiding. Studenten kunnen bijvoorbeeld overstappen naar een aanverwante WO-opleiding of HBO-opleiding, zonder alle studiepunten of studiefinanciering kwijt te raken.

 

In 2005 begonnen bijna 23.000 vwo-ers [1] aan een universitaire bacheloropleiding.  Na het eerste jaar schreef bijna 90% zich weer opnieuw in bij een opleiding in het wetenschappelijk onderwijs. Studenten die stopten kozen voor voor een studie aan een hogeschool (7%) of stopten met studeren in het Nederlands bekostigd onderwijs (3%) [2].

 

 

Van de studenten die doorgingen in het wo bleek na vier jaar 51% een bachelordiploma te hebben behaald.De vwo-ers die in 2007 en in 2008 aan een opleiding begonnen (resp.26.100 en 27.250 personen) haalden betere resultaten: daar bleken respectievelijk 55% en 62% van de studenten na 4 jaar in het bezit te zijn van een bachelordiploma.

 

 

Het aantal studenten dat in 3 jaar het bachelordiploma haalt (na herinschrijving), nam ook (licht) toe: van de studenten gestart in 2007 had 25% een diploma binnen drie jaar; van de startende studenten in 2008 is dat 27%.

 

Oorzaken stijging rendement

De stijging van het rendement heeft wellicht meer dan één oorzaak. In de afspraken die de universiteiten in 2007 met het ministerie OCW hebben gemaakt, staat dat universiteiten meer gaan doen aan het studietempo van studenten, door opleidingen beter studeerbaar te maken en door duidelijkere eisen te stellen aan studenten. Dit beleid heeft inmiddels effect.

 

Bij met name technische universiteiten was voorheen een onduidelijke overgang tussen de bachelor- en de masterfase. Dat had tot gevolg dat studenten hun bacheloropleiding niet afronden, maar wel alvast mochten beginnen aan de masteropleiding. Sinds vorig studiejaar is er bij alle universiteiten een zogenaamde “harde knip” tussen bachelor en master: studenten mogen pas aan hun masteropleiding beginnen als ze de bachelor hebben afgerond.

 

En tot slot: de dreiging van de langstudeerders-boete. Veel studenten wilden voorkomen een verhoogd collegegeld van 3.000 euro te moeten betalen en hebben hard gewerkt om de bacheloropleiding tijdig af te ronden.

 

In welke mate elk van deze ontwikkelingen effect heeft op het verhoogde rendement, is moeilijk precies te achterhalen. Duidelijk is wel dat universiteiten deze rendementsverbetering willen continueren en verder verbeteren.

 


Sectoraal rendement vs Instellingsrendement

De VSNU kijkt naar rendementen naar de sector als geheel: hoeveel studenten beginnen aan een opleiding in het wetenschappelijk onderwijs en ronden deze ook af? Universiteiten hebben in de Prestatie-afspraken een afspraak gemaakt over het Instellingsrendement: hoeveel studenten stromen in bij de universiteit, schrijven zich na het eerste jaar opnieuw in bij dezelfde universiteit en studeren vervolgens af. 


De hier getoonde cijfers betreffen allemaal de sector als geheel; universiteiten hebben andere rendementscijfers.

 




[1] Selectie Vwo-ers: hoogste vooropleiding = vwo, 1e jaar deelname hoger onderwijs, voltijdse inschrijving.

[2] Verdween uit het Nederlands bekostigd hoger onderwijs kan betekenen dat studenten zijn gaan studeren aan een niet-bekostigde instelling, naar het buitenland zijn vertrokken of daadwerkelijk (tijdelijk) zijn gestopt. Hoe deze verhouding ligt, valt niet te achterhalen.