Print
 
 

WO-Monitor 2013

 

Introductie

De WO-Monitor is een landelijke enquête onder alle recent afgestudeerde master- en doctoraalstudenten aan de (bekostigde) Nederlandse universiteiten. Het onderzoek vindt sinds 2009 tweejaarlijks plaats en wordt uitgevoerd door  IVA Onderwijs,  in opdracht van de VSNU. De uitkomsten bieden inzicht in de aansluiting tussen de wo-masteropleiding en de arbeidsmarkt.

 

De data van het onderzoek zijn eigendom van de universiteiten. Ze worden beschikbaar gesteld aan het ROA ten behoeve van het onderzoek “Schoolverlaters tussen onderwijs en arbeidsmarkt”. In juni 2014 wordt een nieuwe rapportage verwacht. Daarnaast worden diverse uitkomsten beschikbaar gesteld aan de database Studiekeuzeinformatie.

In het najaar 2013 werden ruim 37.500 master- en doctoraalstudenten die in de periode 2011-2012 waren afgestudeerd, uitgenodigd deel te nemen aan de WO-Monitor 2013.  Ongeveer 8.500 geretourneerde vragenlijsten zijn gebruikt voor de analyse (22,6% van het totale aantal genodigden). Slechts een klein deel van de respondenten heeft een doctoraalopleiding - de voorloper van de bachelor-master-systeem -  gevolgd; het merendeel volgde een (voltijdse) masteropleiding.


 

1. Eerste baan na afstuderen

Gezien de vraagstelling die in het onderzoek is gebruikt (“Hoeveel maanden zaten er tussen uw afstudeer-datum en uw eerste betaalde baan?”) zegt dit gegeven zowel iets over de “zoektocht” naar een baan als over de bereidheid om meteen na afstuderen te beginnen met werken. De antwoorden op een aantal open vragen in de vragenlijst, lijken aan te geven dat afgestudeerden na hun studie eerst even wat anders doen, bijvoorbeeld een lange vakantie nemen.

 

Het duurde gemiddeld 3 maanden voordat de groep afgestudeerden uit 2011/2012 startte met hun eerste baan. In de WO-Monitor 2011 was dit nog 2,7 maanden; in de WO-Monitor 2009 duurde dit 2,1 maanden. Uit de WO-Monitor 2013 blijkt 38% van de respondenten meteen na het afstuderen een baan te hebben, 46% deed er tussen de 1 en 6 maanden over om op de arbeidsmarkt aan de slag te gaan. Bij 15% duurde dit langer dan een half jaar.


 
2. Werkzame en werkloze beroepsbevolking,
anderhalf jaar na afstuderen

Niet alle afgestudeerden zijn na afstuderen beschikbaar voor de arbeidsmarkt. Zo’n 7% van de ondervraagden kan niet tot de beroepsbevolking worden gerekend. Afgestudeerden ouder dan 65 jaar of afgestudeerden die hun huidige situatie als student typeren en daarnaast nog een aantal uur betaald werk verrichten, worden niet meegeteld. Dit geldt ook voor respondenten die betaald werken maar niet hebben aangegeven hoeveel uur per week zij betaald werk verrichten. Tot de werkende beroepsbevolking worden de respondenten gerekend die tenminste 12 uur per week betaald werk verrichten. Bij de werkeloze beroepsbevolking horen afgestudeerden die niet of minder dan 12 uur per week betaald werken, maar wel (meer/ander) betaald werk zoeken.


Anderhalf jaar na afstuderen blijkt dat 90% van de afgestudeerden een baan heeft en 10% werkloos is. Dit is een verslechtering ten opzichte van het onderzoek in 2011 en 2009 (resp. 8% en 5%)


(zie ook: definitie CBS1).

 

 
3. Huidige baan

De volgende analyses zijn uitgevoerd op basis van de definitie beroepsbevolking, tenzij anders aangegeven.

 

3.1 Baan op wo-niveau, anderhalf jaar na afstuderen

 

 

Anderhalf jaar na afstuderen heeft 66% van de werkende alumni een baan op wo-niveau; 22% geeft aan werkzaam te zijn op hbo-niveau. Gelet op eerdere jaren zijn hierin kleine verschuivingen te zien.

 

3.2 Salaris

Anderhalf jaar afstuderen bedraagt het gemiddelde startsalaris €16,07 euro bruto per uur (*). Dit komt neer op een bruto-maandinkomen van  € 2.783,- euro op basis van een fulltime aanstelling. In 2011 was het gemiddelde nog €16,26 euro bruto per uur, in 2009 was dit €16,36 euro bruto per uur (bruto maandloon op fulltime basis respectievelijk € 2.816 en  € 2.833 euro).

  

 

* Het gemiddelde is gebaseerd op de mediaan: de waarde waar 50% van de data boven respectievelijk onder ligt. Dit om het effect door extreme uitschieters te voorkomen.
 

3.3 Vereiste opleidingsrichting

 

Het merendeel van de alumni (70%) met een betaalde baan komt terecht in een functie die min of meer verwant is aan de opleidingsrichting van de gevolgde studie. Slechts 4% zegt terecht te komen bij een geheel andere opleidingsrichting.

 

* In eerdere versies van de WO-Monitor is deze vraag anders gesteld en was “weet niet” geen antwoordcategorie


4. Tevreden met voorbereiding op de arbeidsmarkt

In de monitor  is gevraagd in hoeverre de wo-opleiding een goede basis heeft geboden om te starten op de arbeidsmarkt. 57% van de werkzame alumni geeft aan dat de opleiding in (zeer) sterke mate deze basis heeft geboden.

 


De wo-opleiding biedt volgens driekwart van de afgestudeerden een goede basis voor het verder ontwikkelen van kennis en vaardigheden.

 

 


5. Tevreden over de opleiding

 

Aan het eind van de vragenlijst is de vraag gesteld: “Zou u de gevolgde opleiding achteraf gezien opnieuw kiezen?” 75% van de afgestudeerden geeft aan dezelfde opleiding bij dezelfde universiteit opnieuw te kiezen. Als redenen hiervoor  noemen oud-studenten onder andere de prettige sfeer op de universiteit, de kwaliteit van de opleiding en de exclusiviteit van de gevolgde masteropleiding.

  

Werkloze afgestudeerden zijn negatiever over de door hun gevolgde opleiding dan de afgestudeerden met een baan. Afgestudeerden die aangeven een geheel andere opleiding te kiezen als ze opnieuw voor de keuze zouden staan, geven onder andere aan dat ze een meer praktische opleiding zouden kiezen, veelal op hbo-niveau, zo blijkt uit de reacties.

 

 

Meer uitkomsten

Voor een uitgebreidere analyse en een vergelijking met andere sectoren, verwijzen we u naar de ROA-rapportage: Schoolverlaters tussen onderwijs en arbeidsmarkt. In deze analyse worden ook conjunctuur-invloeden geduid. Het onderzoek wordt jaarlijks gepubliceerd in juni/juli. Wo-gegevens zijn daarvoor niet alle jaren beschikbaar: vanaf 2009 wordt de WO-Monitor 2 jaarlijks i.p.v. jaarlijks uitgevoerd. Gegevens over de jaren 2009, 2011 en 2013 zijn aan het ROA verstrekt.
 

Contact

Voor meer informatie over de WO-Monitor kunt u contact opnemen met Petra Pieck: pieck@vsnu.nl



1http://www.cbs.nl/nl-NL/menu/methoden/begrippen/default.htm?ConceptID=2755