Print
 
 

Dalende prijs per student

 

De overheidsinvesteringen in het hoger onderwijs staan al jaren onder druk. Tegelijkertijd hebben zich steeds meer studenten ingeschreven voor een wetenschappelijke opleiding. De dalende rijksbijdrage is een bron van zorg voor de VSNU.

 

 

Hoewel de studentenaantallen sinds 2000 fors zijn gestegen, groeit de rijksbijdrage niet of nauwelijks mee met het aantal studenten. Tussen 2000 en 2013 is het aantal studenten met maar liefst 50% gestegen. Tegelijk hebben opeenvolgende kabinetten bezuinigd op de rijksbijdrage voor het wetenschappelijk onderwijs. In 2000 was de rijksbijdrage per student € 19.300, in 2013 bedroeg de rijksbijdrage maar € 14.200 (beide cijfers op prijspeil 2013).

 

De dalende rijksbijdrage per student treft zowel het wetenschappelijk onderwijs als het wetenschappelijk onderzoek inclusief de ruimte voor toepassing van nieuwe kennis. Hierdoor komen ambities op het gebied van kwaliteitsverbetering, profilering en differentiatie van het onderwijsaanbod in gevaar. Als de prijs per student nog verder afneemt, groeien universiteiten uit tot leerfabrieken. Daarmee is zowel de academische vorming van het onderwijs als de kwaliteit van het bestel in gevaar.

 

De VSNU vraagt in verschillende gremia om aandacht voor de gevolgen van de dalende rijksbijdrage.