Nieuwsberichten

Input VSNU voor de formatieonderhandelingen

De VSNU heeft de belangrijkste speerpunten voor de universiteiten aan de onderhandelende partijen in de formatie gestuurd. Deze speerpunten zijn: 1) het beste onderwijs, 2) wetenschap en innovatie, 3) profilering en sturing op basis van dialoog en vertrouwen.

 

De Nederlandse universiteiten onderzoeken de grote vraagstukken van morgen en zorgen ervoor dat deze kennis ten goede komt aan de samenleving. De universiteit is daardoor dé motor voor innovatie, welvaart en vooruitgang. De wetenschappelijke oplossingen voor onze eigen maatschappelijke problemen kunnen wij heel goed exporteren. Zo blijven we economisch concurrerend met de rest van de wereld. Met hun kennis, vorming in kritische reflectie en academische vaardigheden bieden universiteiten een waardevol toekomstperspectief aan honderdduizenden studenten. Voor de komende kabinetsperiode zijn onze ambities helder. Om de positie van Nederland als innovatief kennisland te borgen en zelfs nog te versterken, moet geïnvesteerd worden. De onderstaande speerpunten moeten daarom een plaats vinden in het nieuwe Regeerakkoord.

 

Het beste onderwijs

De kwaliteit van het wetenschappelijk onderwijs moet verder omhoog. Daar heeft iedereen belang bij. Studenten verdienen een uitstekende opleiding, die de beste kansen biedt op de arbeidsmarkt. Universiteiten zetten zich daarom in voor:

  • meer docenten en daardoor intensiever en kleinschaliger onderwijs;
  • betere ICT- en studiefaciliteiten;
  • betere begeleiding van studenten en professionalisering van docenten;
  • grotere aandacht voor het individuele talent;
  • een steviger band tussen onderwijs en onderzoek.

Met deze aanpak zetten de universiteiten zich in om hoogwaardig academisch onderwijs en goede begeleiding te bieden aan elke student. Dit is alleen mogelijk indien de universiteiten daartoe in staat worden gesteld. Op termijn komen de broodnodige middelen uit het studievoorschot beschikbaar. Maar pas vanaf 2024 hebben deze een voldoende omvang om de bezuinigingen vanaf 2012 te compenseren. Het wetenschappelijk onderwijs dreigt de komende jaren eerst nog een dalende rijksbijdrage te moeten verwerken. Tegelijkertijd is de onderwijsvraag spectaculair gegroeid, met 56% in de periode 2000-2016, terwijl de rijksbijdrage per student fors naar beneden ging (van gemiddeld €19.900 naar €15.000 - zie grafiek hieronder). Die daling wordt ook niet gekeerd door de middelen uit het studievoorschot.

 

De uitholling van de rijksbijdrage per student telt, sinds 2011 alleen al, op tot maar liefst € 400 miljoen. Dat is op korte termijn onhoudbaar en heeft natuurlijk gevolgen voor het onderwijs. Denk aan vollere collegezalen, meer studenten per docent en tijdelijke numeri fixi. Bovendien zet de trend van groeiende studentaantallen de komende jaren zeer waarschijnlijk door. Daarbinnen neemt het aantal studenten in dure opleidingen – zoals bèta en techniek – sterk toe. Dat is op zichzelf een succes. Maar om dit succes daadwerkelijk te kunnen verzilveren, zijn per direct extra middelen nodig. Wij vragen u dringend om, nu de economie weer groeit, de trend van uitholling te keren en ons in staat te stellen de gewenste kwaliteitsslag in het wetenschappelijk onderwijs te leveren. Dit appèl wordt ook gedaan door de studentenkoepels. De huidige studenten kunnen immers niet wachten tot de volgende kabinetsperiode.

 

 

Wetenschap en innovatie

Gezien de sterke link tussen wetenschappelijk onderzoek en innovatie, is het van groot belang dat de Nederlandse universiteiten hun positie in de wereldtop op het gebied van het onderzoek kunnen behouden. Maatschappij en bedrijfsleven stellen terecht hoge eisen aan de bijdragen van wetenschappers aan toegepast onderzoek en valorisatie, maar dat vergt wel voldoende financiering, die niet ten koste zou moeten gaan van nieuwsgierigheidsgedreven onderzoek. Dat onderzoek gaat namelijk vaak aan innovatie vooraf. Een extra impuls om dit samenspel duurzaam te versterken is dringend nodig, zeker nu de budgetten voor onderzoek en innovatie dreigen te dalen ten opzichte van het BBP. Overigens hebben die budgetten deze eeuw nog nooit het EU-streefniveau van 3% gehaald, noch het lager liggende Nederlandse streefniveau van 2,5%. Directe knelpunten op dit moment zijn onder meer de grote matchingsdruk, de lage honoreringspercentages bij NWO en investeringen in wetenschappelijke infrastructuur.

 

De Nationale Wetenschapsagenda (NWA), die is opgebouwd uit bijna 12.000 vragen uit de gehele samenleving, biedt het beste aanknopingspunt om extra te investeren in onderzoek. De Kenniscoalitie pleit voor een jaarlijkse investering van ten minste € 1 miljard, om het onderzoeks- en innovatiebestel te versterken. De NWA behelst een concreet plan, met een 50-50%-verdeling voor investeringen in vernieuwend thematisch onderzoek en in grensverleggend onderzoek, onderzoeksinfrastructuur en talentontwikkeling. In het verlengde van de NWA pakken de universiteiten een eigen ambitieuze digitaliseringsagenda op, die naadloos aansluit op de behoeften vanuit burgers en bedrijven aan kennis op dit gebied. Daardoor zou ons land wereldwijd kunnen gaan gelden als gidsland voor de digitale samenleving. Op het gebied van Open Access heeft Nederland deze positie in de afgelopen jaren reeds verworven; een succes dat we kunnen uitbouwen.

 

Profilering en sturing op basis van dialoog en vertrouwen

In een wereld waarin de waarde van bewezen inzichten, getoetste feiten en kritische redeneringen onder druk staat, zijn universiteiten het koesteren waard. Uitstekend onderwijs en waardevolle wetenschap met grote impact komen het beste tot stand wanneer universiteiten hun eigen koers kunnen varen. Zij doen dat aan de hand van hun instellingsplan, dat wordt opgesteld met inspraak van studenten en docenten en in samenspraak met de stakeholders. Deze visie op horizontale kwaliteitsverbetering wordt gedragen door VSNU, Vereniging Hogescholen, ISO en LSVb. De afgelopen jaren is de medezeggenschap versterkt, maar de autonomie van instellingen is – onder andere door prestatieafspraken en bijbehorende financiële afrekenmechanismen – de facto beknot. Het gesprek over kwaliteit wordt voortdurend gevoerd binnen onze instellingen en met de stakeholders.

 

 

 

@deVSNU

RT @ADnl: Wetenschappers in alle staten: heelal geeft goud prijs https://t.co/zJNDzbcCph https://t.co/bxQ4cAJt54
21 hours ago
Universiteiten organiseren bijeenkomsten over nieuwe code gebruik persoonsgegevens in wetensch. onderzoek: https://t.co/gmxNV9e9wG
2 days ago
RT @dubnieuws: Of opleidingscommissies verkiezingen krijgen, houdt ze bezig. Dat bleek tijdens het @deVSNU-congres woensdag https://t.co/Ce
2 days ago