Print
 
 

Realisatie voorinvesteringen 2016

 

De universiteiten hebben in 2016 samen ruim €105 miljoen extra geïnvesteerd in het kader van de invoering van het studievoorschot. Dit blijkt uit de jaarverslagen van de universiteiten. De hierbij gekozen investeringsrichtingen en –bedragen zijn vastgesteld met instemming van de medezeggenschap.

De universiteiten hebben toegezegd om in de periode 2015 tot en met 2017 in totaal €200 miljoen te investeren, wat neerkomt op gemiddeld €67 miljoen per jaar. Samen met de investeringen in 2015 (bijna €77 miljoen) liggen de universiteiten goed op koers om de toegezegde €200 miljoen aan voorinvesteringen in de periode van 2015 tot en met 2017 te behalen. Binnen de totale investeringen van de sector bestaan er verschillen tussen de universiteiten qua omvang en bestedingsdoelen van de voorinvesteringen.

De universiteiten maken budget vrij door onttrekking aan hun reserves, een herschikking binnen hun begroting of een combinatie van beide. Voor een deel gaat het om nieuwe plannen. Daarnaast worden al voorgenomen investeringen opgehoogd met extra budget of in de tijd naar voren gehaald, zodat studenten en docenten hier eerder van profiteren. Hierbij wordt opgemerkt dat deze extra uitgaven niet per definitie direct leiden tot een afname van het eigen vermogen of een negatief exploitatieresultaat. Het financieel resultaat is immers onderhevig aan fluctuaties in zowel de inkomsten als de uitgaven van de universiteiten, bijvoorbeeld door het later in het jaar beschikbaar komen van financiële bijstellingen vanuit het Rijk. Voor het plegen van structurele investeringen (zoals extra docenten en meer vaste contracten) is het perspectief nodig dat de middelen, die nu nog niet op de OCW-begroting staan, daar op korte termijn naar toe worden overgeheveld.

 

Waar zijn de voorinvesteringen in 2016 aan besteed? 
Universiteiten investeren veruit het meest in onderwijskwaliteit en moderne infrastructuur.

 

 
 
 

 

Investeringen in onderwijskwaliteit zijn bijvoorbeeld gegaan naar kleinschaligheid, door het aanstellen van meer docenten. Er is geïnvesteerd in excellentietrajecten, buddyprogramma’s, (pre) University Colleges, verbetering van de studiekeuze en
–begeleiding en joint programmes. Ook is er geïnvesteerd in de implementatie van nieuwe onderwijsmodellen en blended learning.

Ongeveer één derde van de investeringen is naar moderne infrastructuur gegaan, zoals modernisering en uitbreiding van studiewerkplekken, nieuwe digitale leer- en werkomgevingen, onderwijsdoeleinden in labs en aanpassingen van collegezalen en bibliotheken.

Een klein deel is geïnvesteerd in onderwijsgebonden onderzoek. Hierbij kan gedacht worden aan onderzoek naar de effectiviteit van kleinschalig onderwijs, onderzoek naar het functioneren van onderwijsmodellen en vernieuwingen in onderwijskwaliteit.

 

Laatst bijgewerkt op 01-04-2016