Rijksuniversiteit Groningen

De impact van betrokken wetenschap

De Rijksuniversiteit Groningen (RUG) werkt intensief aan de duurzame en gezonde maatschappij van morgen. We doen dat in nauwe samenwerking met de overheid, het bedrijfsleven, andere kennispartners en maatschappelijke organisaties. Door samen op te trekken ‘voeden' samenleving en wetenschap elkaar met praktijkervaringen en nieuwe kennis.

 

Voor deze samenwerkingen heeft de RUG drie speerpunten gekozen:

1. Energy, bijdragen aan de overgang naar een duurzame productie en consumptie van energie.

2. Healthy Ageing, onderzoek naar de vraag hoe mensen langer gezond, gelukkig en actief kunnen leven.

3. Sustainable Society, het creëren en onderhouden van een evenwichtige maatschappij.

 

Onderstaande voorbeelden tonen de verschillende vormen van valorisatie die aan de universiteit plaatsvinden. Deze voorbeelden zijn direct gerelateerd aan de door de RUG gekozen kwantitatieve indicatoren en laten de wetenschap achter de indicator zien. De wetenschap waarmee we op weg zijn naar de duurzame en gezonde maatschappij van morgen.

Ondraaglijk en uitzichtloos lijden bij pasgeborenen bespreekbaar maken

Vakpublicaties

Het Universitair Medische Centrum Groningen heeft
in 2004 het Gronings Protocol opgesteld voor levens-beëindiging bij pasgeborenen (<1 jaar) in het geval
van ondraaglijk en uitzichtloos lijden. Dit protocol heeft geleid tot een brede maatschappelijke discussie, een documentaire (door HUMAN) en meerdere vakpublica-ties, waaronder in The New England Journal of Medi-cine, het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde
en Kinderarts en Samenleving van de Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde (NVK). Het Gronings Protocol is in 2005 aangenomen door de NVK waarmee het een officiële richtlijn is geworden. Het afgelopen jaar heeft het Gronings Protocol hernieuwde aandacht gekregen naar aanleiding van een uitzending in het televisieprogramma Nieuwsuur. Hier geeft prof. mr. Eduard Verhagen,  kinderarts aan het UMCG, aan dat euthanasie, onder strikte voor-waarden, ook mogelijk moet zijn voor kinderen onder de 12 jaar en dat dit huidige gat in de Nederlandse wet moet worden gedicht. Prof. mr. Verhagen was onlangs nog te gast in Buitenhof om te praten over dit lastige onderwerp.

Slimme systemen uit Groningen besparen energie

Start-ups en spin-offs

Gebouwen zijn verantwoordelijk voor meer dan 40% van het totale energieverbruik in de wereld. Onderzoek laat zien dat dit verbruik tot 35% kan worden terug-gebracht. Sustainable Buildings, een jonge spin-off van de RUG, heeft een slim energiesysteem ontworpen dat het energiegebruik in gebouwen efficiënter en duur-zamer maakt. Het bedrijf heeft voor deze innovatieve toepassing van wetenschappelijke kennis in 2015 de
1e prijs (Community Award) gewonnen bij het Pioneers Festival, een conferentie voor start-ups in Wenen.

Uitzonderlijke landschapsbiografie van de Drentsche Aa

Samenwerken met non-profit organisaties

Het Nationaal Landschap Drentsche Aa geldt nationaal én internationaal als een van de best bewaarde beekdal-landschappen van Noordwest-Europa. In opdracht van de Provincie Drenthe en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed heeft prof. Theo Spek, hoofd van het Kenniscentrum Landschap van de Rijksuniversiteit Groningen, samen met een groot aantal auteurs een landschapsbiografie uitgebracht waarin de ontwikkeling van de Drentsche Aa door de eeuwen heen wordt beschreven. De landschapsbiografie vormt komende jaren een belangrijk fundament voor natuurbeheer, erfgoedzorg, toerisme en ruimtelijke ordening in het Nationale Landschap.

Carbohydrate Competence Center (CCC)

Samenwerken met bedrijven

Koolhydraten spelen niet alleen een belangrijke rol in onze voeding, maar kunnen ook gebruikt worden voor biomate-rialen en biobrandstoffen. De RUG heeft samen met meer dan 30 bedrijven, kennisinstellingen en overheden het Carbohydrate Competence Center opgericht om hier vraaggestuurd onderzoek naar te doen. Deze publiek-private samenwerking genereert fundamentele en innova-tieve kennis over gezonde voeding, biomaterialen en biochemicaliën. Bedrijven passen deze kennis toe. Onder-zoek binnen CCC leidde zo al tot tientallen patenten, promoties, publicaties en innovatieve toepassingen.

 

Vervanging fossiele producten door duurzame katalyse

European PERSON platform –
De sociale en geesteswetenschap-pen binnen de energie transitie

Kennisdeling met Europa

Energie en duurzaamheid zijn belangrijke thema’s voor zowel de Europese lidstaten als voor de wetenschap. Deze thema’s werden tot nu toe vaak vooral vanuit de technische en natuurwetenschappen bestudeerd. Bij de realisatie van duurzame energiesystemen is het echter van belang dat ook kennis vanuit de sociale en geestes-wetenschappen (SSH) wordt betrokken. De RUG heeft daarom een platform opgericht van toponderzoekers uit verschillende SSH disciplines uit heel Europa om interdisciplinair onderzoek naar een duurzame energie-transitie te versterken: het PERSON platform. Het platform deelt als EC-expertgroep haar inzichten met de Europese Commissie, geeft input voor nationale en Europese onderzoeksagenda's rondom energie en stimuleert brede onderzoekssamenwerking gericht op de implementatie en acceptatie van schone, veilige en efficiënte energiesystemen.

Octrooiaanvragen

Fossiele brandstoffen en hierop gebaseerde producten spelen een belangrijke rol in onze samenleving. Ver-vanging van deze producten door duurzame alterna-tieven is één van de maatschappelijke uitdagingen van de wetenschap. Dr. Katalin Barta, recente winnares van twee prestigieuze onderzoeksbeurzen (ERC Starting Grant en Vernieuwingsimpuls Vidi), heeft hieraan bijgedragen door een voor de farmaceutische industrie belangrijke chemische reactie op een duurzame, niet-fossiele manier te laten verlopen. Daarnaast heeft zij recent een octrooi gepubliceerd waarin staat hoe hernieuwbare biomassa kan worden omgezet in waardevolle chemische verbindingen en zo als alternatief kan dienen voor fossiele bouwstenen.

De Dode Zeerollen ontrafeld

Publieksgerichte activiteiten

Het Qumran Institute van de RUG is het enige onderzoeks-centrum in Nederland dat zich volledig richt op de Dode Zeerollen en het antieke Jodendom. De spectaculaire ten-toonstelling in het Drents Museum (2013), met de instituuts-directeur prof. Mladen Popovic als gastcurator, trok 140.000 bezoekers. Daarnaast werd vanuit de universiteit een lespakket voor middelbare scholen ontwikkeld, dat door ruim 9000 leerlingen op 150 scholen werd gevolgd. Een cursus voor professionals en een webcursus voor breder publiek volgden.

Professor Toebes in de bres
voor mondiale gezondheids-bescherming

Lidmaatschappen van maatschappelijke organisaties

Door actief lid te zijn van maatschappelijke organisaties helpen RUG wetenschappers mee om maatschappelijke doelstellingen te verwezenlijken. Een van deze weten-schappers is prof. mr. Brigit Toebes. Zij onderzoekt hoe internationaal recht kan bijdragen aan de bescherming van de gezondheid op mondiaal niveau. Recentelijk heeft zij hiervoor Global Health Law Groningen opgezet. Tevens is ze actief binnen meerdere maatschappelijke organisaties waaronder de International Law Associa-tion en de Vereniging voor Gezondheidsrecht.

Licentie- en overdrachtsovereenkomsten

De Novolizer en Genuair, ontwikkeld door de afdeling Farmaceutische Technologie en Bio-farmacie onder leiding van prof. Erik Frijlink, zijn innovatieve poeder-inhalatoren voor bijvoorbeeld astma en COPD patiënten. Dankzij het ontwerp van deze inhalator komen medicijnen dieper in de longen terecht waardoor zij hun werking beter kunnen doen. Het octrooi van deze inhalatoren is onder andere uitgelicenseerd aan MEDA en AstraZeneca. Meer dan 300.000 patiënten maken hier vandaag de dag gebruik van.

Directe impact creëren voor longpatiënten

MOOC: Nederlands leren

(Contract)onderwijs

Meer dan 90.000 personen hebben zich vanaf de eerste run in maart 2015 aangemeld voor de Massive Open Online Course (MOOC): Introduction to Dutch.
Met deze gratis Language MOOC wil de RUG de drempel om Nederlands te leren verlagen zodat internationale studenten, medewerkers en
vluchtelingen makkelijker kennis maken met de Nederlandse taal. De MOOC is dermate succesvol en innovatief dat de cursus in 2015 de tweede prijs heeft gekregen van het Europees Talenlabel. Op 23 mei 2016 wordt de MOOC voor de vijfde keer aangeboden op het online platform Future Learn.

  • Resultaten

    Valorisatie indicatoren Rijksuniversiteit Groningen

    Dit betreft voorlopige data over het jaar 2015.

    Afte onderzoekinzet staf WP: Onderzoekstaak van het totaal aantal stafleden (hoogleraren, universitair hoofddocenten en universitaire docenten) uitgedrukt in fte. De onderzoekstaak van een staflid beslaat vaak rond de 40% van de totale aanstelling.
    BWOPI-fte WP totaal: volledige omvang aanstellingen aan de universiteit van het Wetenschappelijk Personeel, in fte.

    Duiding algemeen en per indicator

    Algemene duiding

    De hier weergegeven cijfers zijn gebaseerd op informatie vanuit de faculteiten en centrale registratiesystemen. Het gaat hier om voorlopige cijfers over het jaar 2015 van zowel de RUG als het UMCG. De 12 indicatoren zijn gekozen na uitgebreide consultatie van interne stakeholders. Voor het kiezen van de indicatoren stonden twee uitgangspunten voorop:

    1. het primaire doel is het meet- en zichtbaar maken van de maatschappelijke waarde van het onderzoek aan de RUG;
    2. de voorgestelde indicatoren dienen een beeld te geven van de valorisatie inspanningen en uitkomsten op instellingsniveau en over de volle breedte van het RUG/UMCG onderzoek.


    Duiding per indicator

    1. Tweede en derde geldstroom projectinkomsten, als % totale baten

    Hier meten we de daadwerkelijke inkomsten per jaar die afkomstig zijn van andere bronnen dan OCW of collegegelden. Reden om geen onderscheid te maken tussen tweede (NWO en KNAW) en derde (alle overige externe) geldstroominkomsten, is dat ook NWO en KNAW veel belang hechten aan valorisatie als criterium voor de competitieve toekenning van hun middelen. De normalisering vindt plaats door te delen door de totale inkomsten van de Rijksuniversiteit Groningen.

    2. Aantal overeenkomsten met niet op winst-gerichte maatschappelijke stakeholders, per fte onderzoekinzet staf WP

    De Rijksuniversiteit Groningen ziet het als haar taak om betrokken te zijn bij maatschappelijke onderzoeks-vraagstukken. Binnen deze indicator is een overeenkomst een schriftelijk vastgelegde afspraak over te leveren producten, adviezen of diensten of over de inrichting en doelen van een samenwerkingsproject. Onder niet op winst gerichte maatschappelijke stakeholders vallen zowel organisaties uit de publieke sector (overheids- en semioverheidsorganisaties) als andere niet-commerciële en niet-academische partijen, zoals niet-gouvernementele organisaties en stichtingen.

    3. Aantal overeenkomsten met op winstgerichte ondernemingen, per fte onderzoekinzet staf WP

    4. Aantal vakpublicaties, per fte onderzoekinzet staf WP

    Het gaat hier om publicaties (van wetenschappelijk onderzoek) primair gericht op een professioneel publiek (i.e. anders dan collega’s uit het eigen of verwante academische vakgebieden). Wat hieronder valt kan per faculteit verschillen.

    5. Aantal lidmaatschappen van maatschappelijke organisaties, per WOPI-fte WP totaal

    Het gaat hier om niet-gouvernementele en non-profit organisaties die bijvoorbeeld werken aan het bevorderen van milieubescherming, gezondheid, ontwikkelingswerk of het bevorderen van de mensenrechten. Een lidmaatschap moet relevant zijn om mee te tellen. Dit betekent dat er een directe link moet zijn met de discipline van de wetenschapper en dat de kennis van de wetenschapper actief wordt ingezet ten gunste van de organisatie.

    6. Aantal op breder publiek gerichte publicaties en activiteiten, per WOPI-fte WP totaal

    7. % gepromoveerden met 1e baan in op winst gerichte onderneming

    Een groot deel van de promovendi vindt een baan buiten de universiteit. Binnen deze indicator wordt echter niet gekeken naar promovendi die aan de slag gaan in een ziekenhuis of bij de overheid, maar alleen naar promovendi die een baan vinden bij een bedrijf.

    8. Aantal nieuwe octrooiaanvragen op naam van RUG/UMCG, per fte onderzoekinzet staf WP

    Het gaat hier om nieuwe octrooiaanvragen, ook wel aangeduid als prioriteitsindieningen of premier depots.

    9. Aantal nieuwe licentie- en overdrachtsovereenkomsten, per fte onderzoekinzet staf WP

    Hier wordt gemeten: voor het eerst afgesloten overeenkomsten voor overdracht of licentiëring van intellectuele eigendomsrechten van RUG of UMCG onderzoekers.

    10. Aantal nieuwe spin-outs, spin-offs en start-ups gebaseerd op (voormalig) RUG intellectueel eigendom, per fte onderzoekinzet staf WP

    Binnen deze indicator worden alleen spin-outs, spin-offs en start-ups gemeten die aantoonbaar zijn gebaseerd op (voormalig) intellectueel eigendom van de RUG of het UMCG. Dit aantal is dus niet representatief voor het totale aantal start-ups opgezet door stafleden en studenten.

    11. De inkomsten uit onderwijs, specifiek in opdracht van bedrijven en andere private partijen ontwikkeld, per WOPI-fte WP totaal

    12. Aantal (bachelor/master) studenten dat deelneemt aan ondernemerschapsonderwijs, als % van het totaal aantal ingeschreven (bachelor/master) studenten

    Alle vakken gerelateerd aan ondernemerschap worden meegenomen bij de kwantificering van deze indicator. Dit zijn reguliere vakken met expliciete aandacht voor ondernemen en ondernemerschap.

Meer informatie

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met
Ineke Ganzeveld (k.j.ganzeveld@rug.nl),
afdeling Research & Valorisation,
Rijksuniversiteit Groningen

NAAR BOVEN

Valorisatie in beeld

Voorbeelden en cijfers van kennisbenutting door universiteiten